Kunstliefde weer helemaal terug

Door Ton van den Berg


‘Zelfportret’ van de schilder Moesman (1908-1988). Foto’s Centraal Museum

Het moet een spraakmakende expositie worden: Kunstliefde 1807 – 2007. Want de 200-jarige vereniging van kunstenaars wil laten zien weer terug te zijn in het centrum van de beeldende kunst in Utrecht. De ambities zijn groot: het pand aan de Nobelstraat moet grondig worden gerenoveerd en een dynamisch podium worden voor de leden van het genootschap Kunstliefde.

Kunstliefde 1807 – 2007, in zowel het Centraal Museum als het Dutch Design Center (Rotsoord), is wat betreft Kunstliefdevoorzitter Jaap Röell  een visitekaartje waarvan veel afhangt. ,,Dat we aan Kunstliefde een nieuwe schwung willen geven, wordt door de politiek en ook kunstenaars geaccepteerd, maar je merkt ook: het is eerst zien en dan geloven. En daar moet de expositie voor zorgen. We willen erbij zijn met de Vrede van Utrecht in 2013 en de Culturele Hoofdstad in 2018. Alleen als we interessant zijn, worden we daarvoor gevraagd. We moeten een goede voetballer zijn, anders worden we niet opgesteld.’’
Dus gaat dat zien! De mooiste beeldende kunst die oudleden (o.a. Moesman, Rietveld, Mondriaan, Dirkje Kuik, Otto van Rees) van het 200 jaar jonge genootschap Kunstliefde ooit hebben gemaakt, tegenover een nieuwe lichting bijzondere Utrechtse kunstenaars die zich door hun voorgangers lieten inspireren. De schilder Nico Heilijgers greep het ‘zelfportret’ uit 1935 van Moesman aan om dat eens vanuit een nieuw perspectief te bekijken. En de fotografe Diana van der Ley maakte haar eigen beeld van een optocht zoals schilder Dolf Zwerver dat in zijn Sanssouci neerzette.
De vroegere werken en de twintig nieuwe zijn samen te zien in de tentoonstelling die plaatsvindt in het Centraal Museum. ,,Het is een spannende expositie,’’ vindt Röell . ,,Sommige van de kunstenaars zijn heel dichtbij het vroegere werk gaan zitten, dat is herkenbaar. Maar bij anderen moet je zoeken naar die verbinding. Dat is wat het zo mooi maakt.’’
En zelfs zonder het ‘oud en nieuw’ is de expositie bijzonder want Pyke Kochs’ beroemde kunstwerk de koorddanser waarvan drie versies bestaan zijn bij elkaar gebracht voor deze gelegenheid. Het gaat om een tekening en twee olieverfschilderijen. Er was nog een vierde versie maar die is door de schilder zelf verrnietigd omdat het niet voldeed aan zijn kwaliteitseisen.
Omdat Kunstliefde meer wilde dan alleen het thema ‘nieuw ontmoet oud’ is er nog een aparte tentoonstelling in het Dutch Designcenter in Rotsoord. Daarvoor maakten elf kunstenaars grote installaties waarbij ze zich lieten inspireren door de meubels van Pastoe, de ruimtes van het designcenter en de Oude Zagerij van de voormalige meubelfabriek.

CENTRAAL MUSEUM

De expositie in het Centraal Museum is een traditie inmiddels. Sinds de jaren dertig van de vorige eeuw worden de jubileumtentoonstellingen van Kunstliefde daar gehouden. Er is ook een stevige relatie met het museum, vindt Röell . Hij is aan het tellen geslagen en weet nu dat in het Centraal Museum meer dan tweeduizend kunstwerken zijn opgeslagen van 130 kunstenaars die ooit of nog steeds lid zijn (geweest) van het genootschap Kunstliefde.
Er is nog meer verbondenheid tussen Kunstliefde en het Centraal Museum. Meer dan Kunstliefde lief is want een belangrijk deel van de collectie oude schilderijen in het Utrechtse museum is eigendom geweest van het genootschap. Kunstwerken van onschatbare waarde van Utrechtse meesterschilders als Jan van Scorel, Bloemaert, Saftleven en Moreelse hingen tot 1919 in Het Museum Kunstliefde (eerst in het gebouw van K&W aan de Mariaplaats en later in een pand aan de Oudegracht).
Een conservatief kunstbeleid en slecht financieel management dwong Kunstliefde tot opheffing van het museum en de verkoop van de kapitale collectie. Voor het ‘schijntje’ van 36.000 gulden gingen 63 schilderijen over in handen van de gemeente Utrecht. ,,Voor heel veel kunstliefhebbers is die collectie nog steeds de enige reden dat ze het Centraal Museum bezoeken,’’ zegt Röell  een beetje jaloers want bij Kunstliefde is het ‘verlies’ van de collectie na meer dan tachtig jaar nog altijd een pijnlijk onderwerp.
De teloorgang in de jaren tien en twintig in de vorige eeuw leidde bijna tot het einde van Kunstliefde maar dat werd door een aantal leden voorkomen. Die zochten ook de samenwerking op met de in 1895 als tegenhanger van Kunstliefde opgerichte Voor de Kunst die in de Nobelstraat een expositieruimte had. Sinds 1938, na een fusie van de twee kunstenaarsverengingen, is dit de vaste locatie van Kunstliefde waar jaarlijks diverse tentoonstellingen van leden plaatsvinden.
Met Kunstliefde gaat het nu goed, zegt Röell . ,,Met het jubiluem willen we een nieuwe weg inslaan. Hogere kwaliteit, integratie met het overige kunstleven in Utrecht, uitwisseling met andere kunstinitiatieven en voor de leden willen meer een podium zijn waarop ze zich kunnen presenteren.’’
De expositie Kunstliefde 1807 – 2007 opent zaterdag 16 juni. Het Centraal Museum is geopend van dinsdag t/m zondag van 11.00 – 17.00 uur en het Dutch Design Center van maandag t/m zaterdag van 10.00 – 17.00 uur.




Inhoud