Kikkerbil en saté bij reünie Hordijk

Door Ton van den Berg


Coby Beekink op de reünie van bar-dancing Hordijk met rechts de Utrechtse volkszanger Michael Oomen. Foto Ton van den Berg

De kikkerbillen en de saté met een minibroodje, en de discomuziek. Dat was bar-dancing Hordijk. Meer dan 450 stappers van vroeger zijn het daarover eens. Ze nemen nog eens zo’n kikkerbil op de reünie van bar-dancing Hordijk die in juni plaatsvond in discotheek Storm. “We missen dit zo,’’ zegt de in een heuse goudkleurige hotpants gestoken bezoekster Natascha. De Kikkerbil? “Nee, man! Zo’n discotheek waar je op onze leeftijd nog heen kan.”

Ze zijn allemaal wat ouder geworden. In het Hordijk van toen waren ze nog 17 of 18 toen ze er voor het eerst kwamen. Oud-barman Sjaak is misschien een van de langst meelopende. “Ik kwam hier toen ik 19 was en nu ben ik 60.” Oud-eigenaar Wim Hordijk is er ook. Hij werkte 34 jaar in de zaak die zijn vader had opgezet.
Ze zijn ook allemaal wat dikker geworden. Terwijl de Utrechtse zanger Martin van Doorn een optreden weggeeft voor het Utrechtse publiek kijkt Wim Hordijk eens rond en schat dat de gemiddelde gewichtstoename dertig kilo is. Opvallend ook, hoe zeer de meesten het proberen te verbergen, zijn de rimpels die velen met zich meedragen. Maar het kan niemand iets schelen. “Ik ga helemaal los vanavond,” zegt een man die uit een taxi stapt en met z’n vinger vrolijk dreigend wijst naar portier Willem-Alexander van Rooijen. De reageert gevat: “Goh, heb jij nog steeds dezelfde vrouw.”\"\"
Van Rooijen is een van de initiatiefnemers van de reünie rond bar-dancing Hordijk. Zes jaar geleden ging de roemruchtig discotheek dicht. Barman Barry sloopte een van de bars nog uit het pand en verhuisde die mee naar cafe Meesters. Het was over en uit. De ouderwetse discotheek had z’n tijd gehad. “Maar mensen missen die ouderwetse gezelligheid,” zegt Van Rooijen. En hij heeft het gelijk aan zijn kant want de meer dan 450 kaartjes voor de reünie waren in een mum van tijd weg.
Op de locatie van Hordijk zit nu discotheek Storm. Nog maar weinig aan het moderne interieur herinnert aan de bruinige, donkere dancing met z’n aparte nisjes, kleine dansvloer en de grote viskommen in de muur. Hordijk was rond de Mariaplaats een van die drie discotheken (Cartouche en Don Quichotte waren de anderen) waar de Utrechtse jongens en meiden (géén studenten, géén intellectuelen) gingen stappen.
“Hier lag de basis voor heel wat huwelijken,’’ zegt Wim Hordijk. “En dan kregen ze kinderen en gingen weer scheiden en kwamen hier weer en stapten weer in een nieuw huwelijksbootje. Zo ging dat.”
Met Peter Menzo ging dat niet helemaal zo, maar hij is inmiddels wel weer vrijgezel, kan hij vertellen. De reünie komt hem niet ongelegen. “Er zijn niet zoveel tenten voor onze leeftijd. We gaan nu naar Brothers in Bunnik. Ik zie daar vaak mensen die ik vroeger ook in Hordijk tegen kwam. Mooie tijden waren het. Op donderdagavonden waren er vaak de zusters uit het Academisch Ziekenhuis. Daar kwam ik graag voor.”
“Ik kwam hier vroeger drie avonden in de week,” zegt Coby Beekink. De Utrechtse lacht haar tanden bloot. “Dit was de beste plek van de stad. We kenden elkaar allemaal. Dit was ons thuis. Of ik hier kwam om jongens te versieren?” Ze lacht nog harder” “Nee, daar nam ik niet aan deel. Daar was ik een uitzondering op, geloof ik.”
“Wat mij betreft mag dit weer Hordijk worden,’ zegt Beekink. Of dat zin heeft betwijfelt Wim Hordijk. “De reünie is leuk, maar als er weer een Hordijk zou zijn dan is het zeer de vraag of iedereen dan ook iedere week weer komt. Hordijk zelf had in z’n laatste jaren moeilijk. Het publiek bleef weg, en er was ook geen nieuwe jeugd meer die als vanzelfsprekend naar Hordijk kwam zoals vroeger.”
Aan de deur van de discotheek staat, naast zijn zoon, voor een eenmalige invalbeurt de voormalige Hordijkportier Joop le Blanc, in zijn zestien dienstjaren bij de discotheek nog gewoon uitsmijter genoemd. Ook hij denkt dat een Hordijkrevival geen zin heeft. “Maar het signaal dat van deze avond uitgaat is toch ook belangrijk. Hordijk was een echt Utrechtse tent en die is er niet meer.”



Inhoud